back

Frictie, ethiek in tijden van dataïsme

In het boek Frictie ethiek in tijden van dataïsme gaat Miriam Rash in op het geloof dat alles in data te vatten is, dataïsme. De kritiek die ze hier op heeft is klinkt als volgt:

“Mijn huiver heeft ook te maken met het idee dat de mens in zo’n mozaïek te vatten is, even voorspelbaar en mechanisch werkt als de computer die hem beschrijft, het rotsvaste geloof in kennis en rationalisering, het reductionisme dat hieruit opstijgt.”

In een eerdere bron, ‘Een goed leven? There’s no app for that' nam ik over dat we efficiëntie als waarde moeten zien. Niet alles is in cijfers uit te drukken. Deze huivering van Rasch sluit voor mijn gevoel op deze gedachte aan.

Het begrip frictie dat ik eerder heb benoemd in andere bronnen is in dit boek de hoofdlijn. Rasch stelt dat frictieloos ontwerp één van de belangrijkste elementen is binnen het dataïsme.

“Ondervind ik te veel frictie, in de stad, langs apps en op internet, is het te ingewikkeld om mijn smartwatch te gebruiken, of mijn slimme thermostaat of verlichtingsapp dan raak ik uit het zicht en zal mijn profiel vervagen. Frictieloos of seamless design is daarom al sinds de jaren negentig het ideaal van soft- en hardware-ontwikkeling en een van de belangrijke dogma’s van het dadaïsme.”

Het interesseert me dat in bovenstaande alinea geredeneerd wordt vanuit het technologie bedrijf. Een ontwerp is frictieloos zodat het bedrijf zoveel mogelijk data kan blijven vangen en het hiermee gecreëerde profiel niet vervaagd. Deze invalshoek waarin niet de belangen van de gebruiker maar van het platform uitgelicht worden is iets dat naar mijn mening inzicht geeft in de wereld achter het ontwerp.

Kwantificeren

Zoals al in de eerste alinea beschreven is een onderliggend probleem van het dataïsme het kwantificeren (omzetten in cijfers, dus telbaar maken) van alle handelingen. De vraag die dan ook gesteld zou moeten worden volgens Rasch is waarom we iets kwantificeren. Wat is het nut van het tellen. Hiervoor maakt Rasch een interessante link naar een inheems volk, Munduruku, dat zelfs het aantal kinderen niet kwantificeert:

“Wat is het doel van het tellen van kinderen?’ Het is een vraag waar niet zomaar een antwoord op te formuleren is. Wat die vraag wel duidelijk maakt is dat de macht van het getal zich uitstrekt tot over dat wat geteld wordt, zoals de kinderen van de Munduruku. De vertaling in getallen maakt het mogelijk om het vertaalde te vergelijken, ermee te rekenen en het te manipuleren.”

Hoewel bovenstaand voorbeeld een redelijk extreem voorbeeld is van het niet kwantificeren is het voor mij wel een eye-opener. In mijn dagelijkse leven ben ik zo gewend om dingen om te zetten in cijfers. Deze gedachte dat alles meetbaar en dus telbaar is, is iets waar ik zelf nooit bij stil stond maar mij onderbewust wel stuurt.

Een mooie visualisatie van deze gedachte vind ik de door Ben Gosser (in 2012) gebouwde plugin ‘Facebook Demetricator’. Deze plugin zorgt ervoor dat alle cijfers op Facebook verborgen worden en hierdoor niet langer zichtbaar is hoeveel vrienden je hebt, reacties er zijn, of een bericht gedeeld is.

Zonder echec geen ethiek

Terugkomend op frictieloosheid schrijft Rasch over echec en ethiek. Echec, de betekenis voor mislukking/fouten, worden uitgesloten in een frictieloze omgeving stelt Rasch. Daarnaast wordt geprobeerd om in deze omgeving overal een oplossing voor te vinden. Hoewel dit mooi klinkt wordt in het boek beschreven dat zonder echec geen ethiek mogelijk is.

“De droom van een onmenselijke objectiviteit klinkt voor mij als de droom van totale frictieloosheid, En dat wijst op een mogelijk antwoord op de vraag waarom ethiek het in het dadaïsme zo moeilijk heeft. Het echec heeft daarin geen plaats. In plaats van het te aanvaarden wil het dadaïsme het oplossen. Maar eenmaal opgelost in een alomtegenwoordig net van frictieloze technologie zal het met het echec ook de ethiek zelf verdwijnen.”

Deze gedachte over het verdwijnen van ethiek wanneer er geen echec meer is sluit aan op mijn onderzoek. Door het verdwijnen van het spel belanden we in een omgeving waarin geen fouten gemaakt worden en alles zonder moeite verloopt. De vraag die bij me opkomt is of we nog wel gelukkig zijn wanneer dit tot een uiterste doorgevoerd wordt.

Ook de internetonderzoeker Evgeny Morozov die ik eerder al benoemde in een bron wordt aangehaald in dit stuk:

“Het is wat internetonderzoeker Evgeny Morozov ‘solutionisme’ heeft genoemd: de overtuiging dat voor elk probleem een -technologische – oplossing bestaat. In de loop van de tijd is die overtuiging uitgegroeid tot een zelfwerkend systeem dat ook problemen weet te vinden bij reeds bedachte oplossingen.”
De-automatiseren

Rasch schets het probleem van automatisering, dat precies aansluit op de verbijstering waaruit mijn onderzoek begon.

“Als alles makkelijk gaat, ligt automatisme op de loer. Lopen van A naar B aan de hand van de route op je scherm is als bewegen op de automatische piloot. Kopen wat wordt aangeboden, elke notificatie direct beantwoorden, doen wat je gevraagd wordt: idem.”

Een oplossing voor dit alles is volgens Rasch om te ‘de-automatiseren’ om dit te doen moeten we de tijd nemen en weigeren zomaar iets de doen wat ons gevraagd wordt:

“Wat we nodig hebben is een politiek van de-automatisering. Mijn idioot is daarom een de-automaton. Hij weigert zomaar te doen wat gevraagd wordt… Hij neemt geen afscheid van de vooruitgang, maar bevraagt de techniek ervan. Neem daar de tijd voor, zonder zeker te weten of er een antwoord volgt.”

Een mooie zin in bovenstaande alinea vind ik: ‘Hij neemt geen afscheid van de vooruitgang, maar bevraagt de techniek ervan.’ In mijn onderzoek hoop ik dit ook te bereiken. Technologie zorgt voor onwijs veel mogelijkheden, maar we moeten wel bewust zijn waar we gebruik van maken. Met mijn ontwerp hoop ik de frictieloze bewegingen te bevragen door deze uit haar context te trekken.

Alles meten

Het eerder genoemde probleem van kwantificeren wordt nog verder uitgelegd. De gewoonte/drang om alles om te zetten in cijfers komt in veel platformen terug. Ik denk dat voor mijn onderzoek interessant is om af te vragen in welke mate het spel behouden kan worden wanneer alles gemeten wordt.

“Niet alleen de staat versmelt getallen, dat doen we allemaal. Op sociale media, in onlinediensten, via ranglijsten, sterrenbeoordelingen en allerhande scores, cijfers omringen ons overal.”

“Iedereen is behalve klant ook medewerker en soms beiden tegelijk, zoals op Airbnb en Marktplaats. Alles is een product of dienst die in een checklist met een vijf- of tienpuntsschaal te evalueren is.”
“Deze dorst naar meer is geen toevallig effect, maar een feature van het ontwerp sociale media zoals Facebook zijn van begin tot eind ingericht op het laten groeien van de getallen wat natuurlijk een spiegeling is van het kapitalistische groeimodel dat er achter zit.”

Hiermee wordt nogmaals het kapitalistische groeimodel aangehaald waarmee ik mijn onderzoek ook begon. De waarde die we hechten aan de groei van het getal uitzich in de constantie kwantificatie van alle handelingen die we doen.

Betekenis van cijfers

Een laatste vraag die gesteld wordt gaat over de betekenis van deze gekwantificeerde handelingen.

“Als ik zeg, ‘een golf van verdriet stroomde door mijn lichaam, zonder dat ik echt iets had om verdrietig over te zijn’, heb ik dan de golf gevoeld, bewoog die in mijn binnenste, of kwam hij pas als ‘golf’, gevangen in het woord, de wereld en zelfs mijn eigen bewustzijn in gespoeld? In dat geval bestaat iets niet als het niet in taal bestaat, precies zoals voor de dadaïsten dat wat niet in data bestaat, niet bestaat.”
“De ontbinding in data zou de op zichzelf onberekenbare woorden neutraal en objectief maken, berekenbaar. Ze verliezen dan hun multi-interpretabele karakter, en hun ware aard komt naar boven. Eventueel kan die ware, gekwantificeerde aard vervolgens opnieuw worden omgezet in woorden.”

Opnieuw is bovenstaande alinea voor mij een bevestiging dat efficiëntie een waarde is. Het is een keuze die we maken maar ook keus een die niet overal ingezet hoeft te worden. Soms doet het juist afbreuk aan hetgeen waar we juist veel belang aan hechten.

Rasch, M. (2020). Frictie (1ste editie). De Bezige Bij.